De rol van religie bij de preventie van meisjesbesnijdenis
| De suggestie van Geert Wilders om de Koran te verbieden zal op het al dan niet besnijden van meisjes en vrouwen weinig invloed hebben. Want hoewel ook in Nederland veel vrouwen zich beroepen op de koran om meisjesbesnijdenis te rechtvaardigen, spreekt dit heilige boek zich hier niet over uit. Meisjesbesnijdenis is ontstaan lang voordat islam en christendom wereldgodsdiensten werden. Het is geen puur islamitische gewoonte; in westelijk Noord-Afrika (Marokko, Westelijke Sahara, Algerije, Tunesië, Libië) en in Saudi-Arabië (het land waar het ‘hart’ van de islam is gelegen) komt meisjesbesnijdenis niet voor. Hoogstwaarschijnlijk heeft het zijn oorsprong in de Nijldelta waar bij vruchtbaarheidsrituelen lichaamsdelen geofferd werden.
Hoewel in Egypte hooggeplaatste religieuze leiders het al sinds 1954 verbieden, wordt nog steeds 95 procent van de vrouwen besneden. Dat roept de vraag | op wat de rol van godsdienst is in de legitimering en of we godsdienst effectiever in kunnen zetten in de preventie ervan.
In gemeenschappen met meisjesbesnijdenis beroept de bevolking zich vaak op de islam. Lokale fundamentalistische schriftgeleerden en conservatieve imams spelen daar een belangrijke rol in. Religie legitimeert bestaande gebruiken ‘achteraf’: eerst was er het gebruik, daarna volgde de legitimering. In gemeenschappen waar meisjesbesnijdenis al eeuwen bestaat, waar bijvoorbeeld vroedvrouwen of medici er in economische zin baat bij hebben, dat het voortduurt, zal er ook een verhaal nodig zijn, waarom het een gewenste traditie is. Een van die verhalen is dat Allah het wil. Wie dat geïllustreerd wil zien, kan op de site van The Middle East Media Research Institute (www.memri.org) met de zoekterm ‘circumcision’ boeiende fragmenten uit reportages zien, waarin voor- en tegenstanders van FGM geïnterviewd worden of in debat gaan. |

Terug naar nieuwsoverzicht