Gezondheidsrecht over professioneel handelen

In artikel 47 van de Wet Beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG) is geregeld dat de beroepsbeoefenaar die ingeschreven staat in het BIG-register onderworpen is aan tuchtrechtspraak als hij handelt of nalaat in strijd met de zorg die hij in die hoedanigheid behoort te betrachten of in strijd met het belang van een goede uitoefening van individuele gezondheidszorg. 
Het toebrengen van schade aan iemands gezondheid kan onder de strafbepalingen van de Wet BIG vallen (artikel 96 e.v.). 

In de Wet Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO) die onderdeel is van het Burgerlijk Wetboek (BW) is in artikel 7:453 de basisnorm vastgelegd: de hulpverlener moet de zorg van een goed hulpverlener in acht nemen en handelen in overeenstemming met de voor hem geldende professionele standaard.

Zowel de Wet BIG als de WGBO kent bepalingen over informatieverstrekking en geheimhouding (art. 88 Wet BIG, arrt. 7:457 BW).
In artikel 7:448 lid 3 BW is geregeld dat de hulpverlener, indien het belang van de patiënt dit vereist, inlichtingen aan een ander dan de patiënt dient te verstrekken. Uit de jurisprudentie blijkt dat artsen die zich gesteld zien voor een conflict van plichten, in redelijkheid kunnen besluiten dat melding in het belang van het kind dient te prevaleren boven de geheimhoudingsplicht.
In artikel 2 van de Kwaliteitswet Zorginstellingen is vastgelegd dat de zorgaanbieder verantwoorde zorg aanbiedt.

Lees ook: 
Meldcode

Print
Sluit venster