Beleid en wetgeving in Afrika
een ander land plaats vindt, de ouders of de besnijdster toch vervolgd kan worden.
De VN-organisatie Unifem rapporteert (2008) dat meisjes in West-Afrikaanse buurlanden besneden worden, als in eigen land vervolging daarvoor dreigt. Dit gebeurt onder meer tussen Burkina Faso en Niger, tussen Burkina Faso en Mali en tussen Burkino Faso en Ghana. Emigranten keren terug naar hun streek van herkomst om daar hun dochter te laten besnijden, zoals in Ivoorkust, en vertrekken vervolgens weer.
In elk van de 28 landen waar vrouwelijke genitale verminking voorkomt, zijn er mensen en organisaties actief om het gebruik te bestrijden, soms gesteund door de overheid, vaak door internationale donoren. 

Goede initiatieven in Afrika
Naast overheden zijn in Afrika ook vele niet-governementele organisaties (NGOs) actief in de bestrijding tegen meisjesbesnijdenis. Het zgn.‘sociale conventie’ model is in een vijftal Afrikaanse landen toegepast en
geëvalueerd (Egypte, Ethiopië, Kenia, Senegal, Soedan). Meer informatie is te vinden op de website van het UNICEF Innocenti Research Centre. Op 10 maart 2009 heeft Pharos, i.s.m. de ministeries van VWS en Buitenlandse Zaken hierover een workshop georganiseerd op de International Conference on Violence against the Girl Child, georganiseerd door Buitenlandse Zaken. 
In 1984 is het IAC (Inter African Committee on Traditional Practices affecting the Health of Women and Children) opgericht, een organisatie door en voor Afrikaanse vrouwen. Zij voeren campagne tegen schadelijke traditionele praktijken, waaronder vgv. Het Inter-African Committee heeft Nationale Comités opgericht in 28 Afrikaanse landen, die de strijd op het nationaal niveau inzetten.
Tijdens de Internationale Conferentie van het Inter-African Committee (IAC) op 6 februari 2003 in Addis Abeba spraken afgevaardigden van 30 Afrikaanse landen over de traditie    >>
Print
Sluit venster